direct naar inhoud van 2.2 Planbeschrijving
Plan: Stichtse Putten OCMNL te Zeewolde
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0050.BPOCMNL-ON01

2.2 Planbeschrijving

2.2.1 Bestaande situatie

Het plangebied ligt nabij de Stichtse Putten aan de Gooimeerdijk 12 te Zeewolde. In het plangebied is momenteel een onderhoudssteunpunt van de provincie Flevoland gehuisvest. Dit betreft een werkplaats, magazijn en een achttal werkplekken. Daarnaast is op het terrein een pekelopslag en een opslag voor materialen aanwezig.

Het omliggende gebied Stichtse Putten is hoofdzakelijk in gebruik voor natuur met de status van ecologische hoofdstructuur (EHS), het plangebied ligt buiten de EHS. Door kleiwinning zijn enkele ondiepe plassen met flauwe oevers en eilandjes gemaakt met een oppervlakte van circa 15 hectare, omgeven door rietland en ruigte overlopend in grasland. Een deel van het gebied wordt hobbymatig gebruikt door een modelvliegtuigclub met bijbehorend clubgebouw.

Het plangebied wordt omsloten door de Gooimeerdijk. Deze weg sluit aan op de Eemmeerdijk en de Gooiseweg. Nabij het plangebied ligt de rijksweg A27.

2.2.2 Toekomstige situatie

Het plan voorziet in de realisatie van een interregionale meldkamer met een operationeel centrum voor de samenwerkende veiligheidsregio's Flevoland en Gooi en Vechtstreek inclusief de intentiële deelname van de veiligheidsregio Utrecht en het KLPD. Voor deze regio's is de locatie een strategisch punt en goed bereikbaar.

De voorgenomen ontwikkeling betreft een specifieke maatschappelijke functie. Het voorgenomen gebouw van het operationeel centrum nabij de Stichtse Brug zal op deze locatie door de omvang, de architectuur en de functie een blikvanger worden. Zodoende kan het gebouw bijdragen aan een herkenbare entree van de gemeente Zeewolde. Tevens geeft de voorgenomen ontwikkeling een impuls aan de werkgelegenheid in de regio.

Het operationeel centrum zal een onderkomen bieden voor politie, brandweer en ambulancediensten van de veiligheidsregio's Flevoland en Gooi en Vechtstreek. In verband met de functie als operationeel centrum zal het gebouw permanent in gebruik zijn.

Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 2,8 hectare. Bij de ontwikkeling wordt uitgegaan van een brutovloeroppervlak (BVO) van 8.950 m2.

De minimale parkeerbehoefte is circa 153 parkeerplaatsen die in het plangebied moeten worden ondergebracht. Bij de voorgenomen ontwikkeling is ruimte voor circa 200 parkeerplaatsen. Dit betreft parkeerplaatsen die vrijwel permanent in gebruik zijn (koude situatie). De parkeerplaatsen worden ten noordoosten van het gebouw gerealiseerd. Bij opschaling als gevolg van incidenten en rampen (warme situatie) is rekening gehouden met 125 extra parkeerplaatsen op een grasveld. Hiervoor is ruimte aan de noordzijde van het gebouw. De ontsluiting van het terrein zal plaatsvinden via de bestaande infrastructuur. In paragraaf 3.6 is verder ingegaan op verkeer en parkeren.

Op de afbeelding "Situatieschets" is een schets van de voorgenomen ontwikkeling weergegeven.

afbeelding "i_NL.IMRO.0050.BPOCMNL-ON01_0002.jpg"

Afbeelding: Situatieschets

Het gebouw bestaat uit drie bouwdelen (assen) met diverse hoogtes. De x-as is circa 10 meter hoog. De y-as is circa 25 meter hoog. De z-as met toren is circa 65 meter hoog.

Het ontwerpuitgangspunt voor het OCMNL is geïnspireerd op de geschiedenis van de totstandkoming van de provincie Flevoland. De rechte lijnen van het polderlandschap komen samen in een driedimensionale compositie, waarbij iedere as (X, Y, Z) een eigen volume en functie krijgt. Dit doet tevens recht aan de typologische verdeling die in het programma is aan te brengen: een hal, een crisiscentrum en de administratieve functies. Deze bouwdelen zijn vervolgens de X-, Y- en Z-as van het gebouw geworden. De hal op de begane grond, het crisiscentrum daar een kwartslag gedraaid bovenop in de Y-richting en de administratieve functies in een ranke toren, de Z-richting. Hiermee wordt het gebouw een landmark dat het OCMNL een duidelijk gezicht geeft.

Het landmark markeert de overgang van het "oude" naar het "nieuwe" land (en andersom). Hierdoor ontstaat een herkenbare poort bij deze overgang.

In het ontwerpproces is duurzaamheid eveneens een zeer belangrijk thema. Hedendaagse energiezuinige technieken, innovatieve materialen en een optimale inpassing op de locatie zijn voorbeelden van het streven naar een CO2-neutraal gebouw.

De ontwikkeling van het OCMNL geeft een integrale kwaliteitsimpuls aan het gebied. Door middel van de inrichtingsmaatregelen worden de diverse omgevingsaspecten beter geïntegreerd dan in de bestaande situatie het geval is. Voor de ontwikkeling is het exprimentenkader toegepast. In Bijlage 3 Experimentenkader wordt hier nader op ingegaan. De belangrijkste punten hieruit zijn:

  • Realisatie van een herkenbare poort bij de overgang tussen het "oude" en "nieuwe" land. Op deze locatie fungeert het gebouw als landmark.
  • Versterking van de vitaliteit van het gebied door een toename van de werkgelegenheid. Dit betreft zowel voor de gemeente Zeewolde als voor een grotere regio.
  • De karakteristiek van het landschap wordt versterkt. Bij het ontwerp is ingespeeld op de bestaande kwaliteiten van het gebied, zoals de lijnen en de verkaveling. De kenmerkende lijnen- en verkavelingsstructuur vormen de uitgangspunten voor het ontwerp van het gebouw. Het landschappelijk casco wordt versterkt.
  • Een bijdrage wordt geleverd aan de mogelijkheden voor de natuur. Bij de zone tussen de A27 en het gebouw wordt een verbreding en een vernatting gerealiseerd waardoor een bijdrage wordt geleverd aan de ecologische waarden van deze corridor. Doordat specifieke eisen worden gesteld aan de inrichting van het plangebied worden de natuurwaarden ter plaatse ook versterkt.